Wibren van der Burg (1959) studeerde Nederlands recht en filosofie aan de Rijksuniversiteit Utrecht. Zijn gecombineerde doctoraalscriptie over burgerlijke ongehoorzaamheid werd bekroond met de Kluwer's Post Scriptum prijs 1986 en in boekvorm gepubliceerd. Van 1986 tot 1994 was hij (in deeltijd) verbonden aan de Faculteit Wijsbegeerte in Utrecht, waar hij in 1991 promoveerde. Zijn proefschrift was een verkenning van de normatieve grondslagen van de democratie, mede toegepast op thema's als rechten voor minderheden en op de Wet gelijke behandeling. Daarnaast was hij van 1987 tot 1994 verbonden aan het Centrum voor Bio-ethiek en Gezondheidsrecht, eveneens in Utrecht. Bij het CBG was hij onder meer projectleider ethiek en recht en verrichtte en begeleidde hij onderzoek op een breed terrein van de bio-ethiek en het gezondheidsrecht. Hij gaf in Utrecht onderwijs op het gebied van de ethiek en de rechtsfilosofie, onder meer in de faculteiten wijsbegeerte, theologie, sociale wetenschappen en biologie.

Vanaf 1993 was hij als fellow en hoofdonderzoeker (eerst part-time, vanaf 1995 full-time) verbonden aan het Schoordijk Instituut voor Grondslagenonderzoek en Rechtsvergelijking van de Universiteit van Tilburg. Hij ontwikkelde daar een voorstel voor een onderzoeksprogramma getiteld ‘The Importance of Ideals in Law, Morality and Politics'; dit voorstel werd in 1996 door NWO gehonoreerd met een PIONIER-subsidie. Van 1996 tot 2001 gaf hij in het kader van dit PIONIER-programma leiding aan een onderzoeksgroep van ruim twintig onderzoekers. Daarnaast was hij van 1995 tot 2001 aio-decaan. Van 2001 tot 2008 was hij in Tilburg hoogleraar metajuridica, met als werkterrein de interactie tussen recht, ethiek en samenleving. Van september 2006 tot juni 2007 was hij visiting scholar aan het Center for Human Values en de Law And Public Affairs group in Princeton.

Sinds medio 2008 is hij hoogleraar rechtsfilosofie en rechtstheorie aan de faculteit der rechtsgeleerdheid van de Erasmus Universiteit Rotterdam. Samen met Marlies Galenkamp is hij daar coördinator van de nieuwe mastervariant Recht in de multiculturele samenleving. Medio 2009 werd aan hem en Marlies Galenkamp door NWO een subsidie toegekend voor een vierjarig onderzoeksproject over conflicten in de multireligieuze samenleving. In dit project wordt geprobeerd tot een meer dynamische en open interpretatie te komen van klassieke idealen als neutraliteit, scheiding van kerk en staat, godsdienstvrijheid, gelijkheid en vrijheid van meningsuiting. Naast de aanvragers zullen aan dit project ook een docent (dr. Wouter de Been) en twee aio's meewerken.

Zijn onderzoek bestrijkt een breed veld. Hij schreef en redigeerde onder meer boeken over idealen en idealisme, over het reflectief evenwicht in de ethiek, over de rechtstheoreticus Lon L. Fuller, over de verhouding tussen recht en moraal in de biomedische praktijk en over de multiculturele samenleving. Daarnaast publiceerde hij over thema's als tolerantie, de methodologie van de interdisciplinaire rechtswetenschap, interactieve wetgeving en vrijzinnige ethiek en politiek.

Hij vervulde diverse maatschappelijke en wetenschappelijke nevenfuncties. Van juni 2002 tot 2006 was hij voorzitter van het landelijk bestuur (de Commissie tot de Zaken) van de Remonstrantse Broederschap. Hij was eerder presidiumlid en quaestor van de Societas Ethica, de European Society for Research in Ethics. Hij is medewerker van het Nederlands Juristenblad.